Bedrijfsobligatiemarkt niet blij met mei
Mei is tot dusver een slechte maand voor de euro-bedrijfsobligatiemarkt. De risico-opslagen (‘spreads’) zijn over de gehele linie wat opgelopen uit zorgen over de staat van de wereldeconomie, na een sterke rally in de periode daarvoor. Afgelopen week stegen de spreads verder. Dat had ook te maken met een zeer groot aanbod van nieuwe bedrijfsleningen. Vorige week werd er voor maar liefst in totaal €21 mrd aan euro-bedrijfspapier geëmitteerd, waarmee de teller voor de maand mei al op €30 mrd staat, bijna net zoveel als in april (€35 mrd).
Het emissievolume bedraagt dit jaar tot dusver €150 mrd, reeds de helft van het record over geheel 2015 van €306 mrd. Bedrijven zien hun kans schoon om tegen extreem lage rentes hun schulden te herfinancieren. Opvallend is dat ook veel grote Amerikaanse ondernemingen hiervan gebruikmaken. Zo kwamen Johnson & Johnson (€4 mrd), Kraft Heinz (€1,8 mrd), Kellogg (€600 mln) en General Motors (€500 mln) met grote euroleningen op de markt. Maar ook Europese bedrijven waren de laatste tijd van de partij, met omvangrijke emissies van bijvoorbeeld Daimler (€3,25 mrd), Astra Zeneca (€2,2 mrd) en Shell (€1,75 mrd).
Wellicht dat bedrijven haast maken met het plaatsen van nieuwe leningen met het oog op het referendum in het Verenigd Koninkrijk op 23 juni. Komt er een ‘Brexit’ dan kan er twijfel ontstaan over het voortbestaan van de Europese Unie en kunnen de risico-opslagen oplopen. Aan de andere kant gaat de Europese Centrale Bank (ECB) vanaf eind juni ook bedrijfsobligaties opkopen, hetgeen de spreads op investmentgrade-papier naar verwachting verder zal drukken. Hoewel de ECB geen high yield koopt, kunnen ook junkleningen hiervan profiteren doordat de zoektocht naar rendement zal intensiveren.
De fundamentals blijven ook gezond, getuigde de historisch lage wanbetalingspercentages. Afgelopen vrijdag lag het effectieve rendement op de iBoxx Corporates Index (in euro’s genoteerde investmentgrade-bedrijfsleningen) op 1,32%, circa 4 basispunten hoger dan de week daarvoor. De daling van de onderliggende Duitse staatsrente kon de lichte stijging van de risico-opslagen niet compenseren. Koersen en rente bewegen tegengesteld; een hogere rente correspondeert dus met een lagere koers. De ‘yield’ op Europese junkleningen steeg met circa 8 basispunten naar 4,79% op vrijdag.